De Nederlandse kolonisatie: 1658-1802

Nederland heeft een eeuwenoude verbintenis met Sri Lanka. Sri Lanka was één van de eerste Aziatische landen die de aandacht van Europese han-delaars trokken. De drie Europese landen die zich vervolgens 450 jaar lang met het land bemoeiden, hebben alle op een eigen manier de binnenlandse situatie naar hun hand gezet. Hun gemeenschappelijke drijfveer was natuurlijk de winstgevende handel, m.n. de handel in specerijen en plantagege-wassen zoals koffie en later ook thee.

Toen de Portugezen in het begin van de 17de eeuw ook de stad Kandy wilden veroveren, riep de koning de hulp in van de Nederlanders. In ruil daarvoor bood hij de Nederlanders handelsvoordelen aan, m.n. voor kaneel. De Nederlanders gingen daar graag op in, maar wilden meer dan de koning van Kandy in gedachten had: de Verenigde Oost-Indische Compagnie wilde de handel van de Portugezen overnemen.

Na jarenlange strijd lukte het in 1658 om de Portugezen volledig te verslaan. En om te bewijzen dat de Nederlanders het eiland in handen hadden geno-men gaven ze het een nieuwe naam: Zeylan. De Nederlanders hadden meer macht dan de Portugezen. Ze hadden namelijk de hele oostkust onder controle. Maar de pogingen om Kandy te verove-ren bleven zonder succes. Hoewel de Nederlandse heerschappij niet langer dan 140 jaar duurde, was de invloed ervan zeer groot. Zeylan was na Indonesië de belangrijkste VOC-vestiging in Azië. Vanuit Zeylan werd kaneel, peper, koffie en ivoor naar het westen geëxporteerd. De Nederlanders bouwden forten om hun handelsbelangen te beschermen. Behalve huizen bouwden ze protestantse kerken en legden ze wegen en kanalen aan. Tevens voerden ze hun rechtssysteem in. Op het religieuze vlak waren ze min-der actief dan de Portugezen.

Door de ontwikkelingen in Europa en een verloren oorlog met Groot-Brittannië verzwakte de macht van de VOC. Zonder veel strijd konden de Britten aan het einde van de 18de eeuw de heerschappij over Zeylan over-nemen. Zij noemden het eiland later Ceylon.


Tamils in (Midden)Nederland

Na de onafhankelijkheidsverklaring van Groot-Brittannië in 1948 hebben de Tamils jarenlang geleden onder etnische conflicten. In 1983 overtroffen de gewelddadigheden tegen de Tamils alle voorgaande, zowel in intensiteit als in brutaliteit. Op de vlucht voor het geweld in hun eigen land kwamen veel Tamils uit Sri Lanka naar Europese landen, waaronder Nederland. Zo heb-ben Tamils zich ook in Midden Nederland gevestigd.

De meeste zijn hindoes. Omdat er geen gebedsruimte in de beurt was, moesten ze bijna 200 km reizen (naar Den Helder of Roermond) voor een hindoetempel. In Sri Lanka gingen ze minimaal één keer per week of soms wel elke dag naar de tempel.

Kinderen die hier geboren waren of op een zeer jonge leeftijd naar Nederland waren gekomen, konden nauwelijks hun moedertaal Tamil spreken. Omdat ze ook geen Tamil konden lezen en schrijven, konden zij niet met hun familie in het buitenland communiceren. Behalve heimwee hadden Tamils problemen met de Nederlandse taal en een nieuw leven in een koud land. Daarom was een vereniging, die de Tamils kon helpen om zowel hun cultuur in stand te houden als in de Nederlandse maatschappij te integreren, hard nodig. Een aantal vrijwilligers heeft daarom initiatief genomen om een culturele en religieuze organisatie op te richten en daarmee aan de Tamils in Nederland de mogelijkheid geboden om zich hier thuis te voelen. Met TCOMN kunnen we laten zien wie de Tamils zijn en kunnen we de Tamils kennis laten maken met de Nederlandse maatschappij.

Op dit moment wonen er naar schatting ruim 10.000 Tamils verspreid over heel Nederland. De Tamils zijn goed geïntegreerd en het merendeel van de huidige Tamiljongeren volgt een hoger onderwijs.

தமிழர் கலாசார ஒன்றியம் - மத்திய நெதர்லாந்து | TAMIL CULTURELE ORGANISATIE MIDDEN NEDERLAND
LAAN VAN VOLLENHOVE 2195, 3706 GW, ZEIST, NEDERLAND
KVK: 30163921
BANK: NL91ABNA0567395766
RSIN: 809052349